Invention of Float Glass
De uitvinding van floatglas
Op 20 januari 1959 werd het floatglasproces aangekondigd aan de internationale glasindustrie. Deze innovatie veranderde de toekomst van de glasproductie ingrijpend en betekende een doorbraak voor het bedrijf Pilkington. Het proces werd ontwikkeld door Sir Alastair Pilkington en zijn R&D-team, na zeven jaar van experimenteren en investeren.
Er wordt vaak verteld dat Sir Alastair op het idee voor floatglas kwam terwijl hij na het avondeten hielp met afwassen. Hij zou hebben gezien hoe olie op het water bleef drijven en gedacht hebben: “Wat als glas op een vloeistof zou drijven?” Dit romantische verhaal van een plotselinge ingeving blijkt echter een mythe te zijn, iets wat Alastair zelf ook nadrukkelijk ontkende. Wel staat vast dat hij op het idee kwam terwijl hij een eenvoudige, routinematige taak uitvoerde en zijn gedachten vrij konden afdwalen.
De eerste experimenten begonnen in december 1952. Hoewel het resultaat nog niet perfect was, slaagde men er al in een vlakke glasplaat te produceren in een vroeg stadium van het onderzoek. Om het proces echter succesvol te maken, moest het mogelijk worden om 24 uur per dag een constante stroom van hoogwaardig glas te produceren.
Als Pilkington erin zou slagen om continu glas te produceren dat de bestaande industriestandaarden overtrof, zou het bedrijf een aanzienlijk voordeel krijgen ten opzichte van de concurrentie. De glasplaten die tussen 1952 en 1959 met het proces werden geproduceerd waren nog niet perfect, waardoor het verfijnen van het proces een langdurig en intensief ontwikkeltraject werd.
De uitvinding van floatglas
In 1955 besloot Pilkington officieel om machines voor het floatproces te bouwen. Na zeven jaar inspanning en £28 miljoen aan R&D-investeringen (ongeveer £150 miljoen in huidige waarde*), werd in juli 1958 voor het eerst een glasplaat geproduceerd die volledig met het floatproces was gemaakt.
In 1959 kondigde Pilkington dit baanbrekende proces aan de internationale glasindustrie aan en verleende het bedrijf licenties aan andere fabrikanten om het proces te gebruiken. Deze beslissing werd veel besproken en door sommigen als controversieel beschouwd, omdat Pilkington daarmee een unieke positie in de markt deelde en geen gebruik maakte van een mogelijke monopoliepositie.
Tegenwoordig zijn er wereldwijd ongeveer 500 floatglaslijnen, en wordt het floatproces beschouwd als de wereldwijde standaard voor de productie van hoogwaardig glas.
*Berekening gebaseerd op de inflatiecalculator van de Bank of England.
Informatie bronnen: The Glassmakers by T. C. Barker and Float: Pilkingtons' Glass Revolution by D. J. Bricknell and in-house.